Categorie archief: News

Extra argument: verantwoordelijkheid nemen in een coalitie loont niet

Misschien een extra argument om partijen over te halen te kiezen voor een ‘burgerregering’, een regering met partijloze bestuurders. In de 1848 Factsheet van dinsdagochtend 4 april 2017 (ook hier) een overzicht wat er met je partij gebeurt bij de volgende verkiezingen als je deel uitmaakte van een coalitie. Dat levert je geen extra zetels. Goed, misschien kan je dan wel belangrijke doelen realiseren voor je partij, maar het electoraat beloont je er niet voor.

Enerzijds is het dan toch mooi dat er partijen zijn die desondanks toch ‘verantwoordelijkheid nemen’, maar bij een burgerregering zijn er nog steeds bestuurders die dat doen. Ze maken alleen geen deel uit van een partij en hoeven zich geen zorgen te maken over electoraal succes. Ze kunnen zich helemaal richten op goed beleid, want daar worden ze door de Tweede Kamer op afgerekend.

 

 

Een burgerregering, hoe dan?

De uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen van 2017 geeft een mooie kans om een burgerregering te realiseren. Bijna niemand zal protesteren als Rutte weer minister-president wordt, maar om een coalitie te vormen zullen partijen zoals CDA, D66 en GroenLinks graag laten zien waar ze voor staan. Het uitruilen zoals Rutte met Samsom deed werd de PvdA niet in dank afgenomen. Daarnaast heeft de VVD hele slechte ministers gekend:

  • Henk Kamp van EZ is niet bepaald geliefd in Groningen door de gaswinning en het doorverwijzen van burgers naar de NAM bij klachten.
  • Melanie Schultz van Infrastructuur en Milieu heeft als carrièrepolitica vakkundig het lastige spoorwegendossier (met Fyra) bij haar staatssecrataris gedumpt zodat ze lintjes kon knippen voor nieuwe snelwegen en borden met 130 erop onthullen, een VVD-uithangbord
  • Ivo Opstelten en Ard van der Steur faalden als minister van Veiligheid & Justitie
  • Edith Schippers op Volksgezondheid, Welzijn en Sport was controversieel doordat het bedrijf van haar man dat profiteerde van  haar beleid
  • de staatssecretarissen Weekers en Wiebes kregen de Belastingdienst niet onder controle

Waarmee niet gezegd is dat de PvdA-ministers het beter deden. Hoe dan ook, tijd om hier veranderingen door te voeren. Het kan alleen maar beter worden.

Rutte wordt alom gewaardeerd voor zijn rol als minister-president, juist omdat hij zich zo min mogelijk bemoeit met het werk van de ministers. Juist deze flexibele, pragmatische Rutte zou goed een gezelschap van ministers en staatssecretarissen zonder politieke kleur kunnen leiden.

Maar waar vinden we dergelijke bestuurders? Dat is waar de burgers in het land een rol hebben. Die moeten goede ministers nomineren door ze in een brief aan te bevelen bij de Tweede Kamer via de voorzitter

Tweede Kamer der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA Den Haag

of desnoods via @2eKamertweets #ministeriabel

Het hoeft niet lang, want uiteindelijk zal elke kandidaat toch door een sollicitatiecommissie gecontroleerd worden. Als er maar een paar duizend namen binnenkomen waar minstens honderd goede kandidaten tussen zitten!

Kamerervaring nodig voor ministers?

Eén kritiekpunt dat overblijft is dat het goed is voor ministers als ze ervaring in de Tweede Kamer hebben. Volgens Gijs Jan Brandsma en Mark Bovens:

Verreweg de belangrijkste risicofactor voor bewindslieden is echter onervarenheid op het Binnenhof. Bewindslieden die geen parlementaire ervaring hebben lopen maar liefst 70% meer kans om te moeten opstappen dan bewindslieden die wel Kamerlid zijn geweest.

Maar ook Gerdi Verbeet reageerde met deze kritiek op het voorstel om ministers voortaan van buiten de politiek te laten komen.

Wat zou hier een goede remedie tegen zijn? Voor aantreden een korte training over het informeren van de Tweede Kamer?

En ook volksvertegenwoordigers kunnen beter een professional zijn

In De Volkskrant van 7 november 2015 een pleidooi dat ook volksvertegenwoordigers beter zijn als professional, ondanks een verlangen naar de buitenstaander, een amateur.

Anne Bos, van het Nijmeegse centrum voor parlementaire geschiedenis:

“Debatteren leer je niet achter je bureau, en de ongeschreven regels van timing en coalities smeden staan niet in het reglement”

Wim Voermans, hoogleraar Staatsrecht in Leiden:

“Ervaren politici vinden slimmer compromissen”

“Weten wat je aan elkaar hebt, helpt om een oplossing te vinden”

“Parlementariërs met een groot netwerk krijgen makkelijker een Kamerbrede meerderheid bij elkaar.”

CDA-prominent Jan Schinkelshoek

“Weten wat er speelt, is in Den Haag fundamenteel.”

Conclusie van het pleidooi:

Afgaand op de peilingen zou de PVV bij nieuwe verkiezingen naar een recordhoogte van 36 zetels gaan. Terwijl nummer 12 tot en met 36 van de PvdA het veld zouden ruimen. Vernieuwing is leuk, maar die komt al automatisch op gang. De uitdaging is nu juist: continuïteit en ervaring bewaren.

Pechtold over bestuurlijke vernieuwing: PvdA, CDA en VVD het probleem

Pechtold in een dubbelinterview met Van Reybrouck op 27 juni 2015 in NRC Handelsblad:

hoe je die bestuurlijke vernieuwing ook aanvliegt, of je het nu politiek afdwingt of je probeert het van onderaf te organiseren – het verzandt allemaal zolang PvdA, CDA en VVD elkaar in wisselende machtsgijzeling ervan weerhouden.

Als D66 in de positie is, dan is het met dit voorstel mogelijk om zowel deze partijen niet aan de macht te laten komen als bestuurlijke vernieuwing door te voeren. De prijs: zelf ook geen macht. Maar wel fundamentele, sensationele bestuurlijke vernieuwing waarmee wereldwijd een voorbeeld gezet kan worden. En die ook een voorbeeld moet zijn voor de EU. Want Pechtold zei ook:

ik denk ook dat we meer de prioriteit bij de Europese democratie moeten leggen dan bij de nationale.

Reactie op De Grote Vraag van NRC Handelsblad: Een land zonder politieke partijen?

Op 14 maart 2015 schreef Thijs Niemantsverdriet in NRC Handelsblad een aflevering van De Grote Vraag. 
Thijs Niemantsverdriet schetst drie oplossingen om de euvelen van de representatieve democratie te verhelpen (in De Grote Vraag op 14 maart). Voor de eerste, een nieuw soort partijen, is het noodzakelijk dat ze de kans op macht (met een coalitie) opgeven voor gegarandeerde invloed. Er ontstaat dan een situatie waarin alle partijen oppositie worden als alle leden van de regering solliciteren bij de plenaire Tweede Kamer. Niet partijlidmaatschap, maar kennis, kunde en geleverde prestaties zijn dan de enige criteria voor kandidaat-ministers.

Hiermee voorkom je het kernprobleem dat ontstaat wanneer volksvertegenwoordigers ook gaan besturen, zoals nu. Dat trekt ook mensen aan die op macht uit zijn; partijen zijn niet langer idealistisch. Dan gaat het mis en neemt het vertrouwen van burgers in ‘de politiek’ af. Partijen leveren immers zelf de bestuurders uit eigen gelederen. In plaats daarvan moeten ze derden aanstellen die de wens van een meerderheid van de volksvertegenwoordiging moet uitvoeren. Gewone burgers die zich kwalificeren voor het werk.

Nu hebben we de zogenaamde ‘bestuurderspartijen’ die dankzij het ‘winnen van de verkiezing’ (vreemd, alle gekozen Kamerleden winnen toch?) een coalitie mogen vormen op grond van een regeerakkoord. Deze ongeschreven regels werken corrumperend en zijn een bron van cynisme voor veel burgers. Er is geen enkel formeel obstakel voor de Tweede Kamer om een volgende formatie anders uit te voeren. Hoe het nu gaat bestaat voornamelijk uit traditie, het kan gerust anders.

Als de formatie resulteert in vacatures voorkom je ook dat de volksvertegenwoordigers worden gezien als baantjesjagers die vooral bezig zijn met zichzelf of hun partij. Het politieke theater gaat nu helaas voornamelijk om de poppetjes, een dozijn fractie-voorzitters en hun partijen. De andere Kamerleden doen er niet toe, ze mogen zich zelfs niet profileren ten koste van ‘de leider’. Dat is jammer, want personalisering en populisme in de politiek zijn niet slecht, zoals dat gepresenteerd wordt bij de derde oplossing van Niemantsverdriet. Het zijn beproefde instrumenten om veel burgers betrokken te houden. Als de rol van de volksvertegenwoordiger dan maar wel beperkt blijft tot precies dat: het volk vertegenwoordigen.

Voor de herkenbaarheid hoort daar dan ook de naam bij van een partij, maar zonder zicht op macht is er geen discipline nodig en is een openbare, inhoudelijke discussie mogelijk. De partij hoeft geen ondeelbaar blok meer te zijn, maar is eerder een ideologische familie. Door het inleveren van rechtstreekse macht is er alleen invloed van de individuele volksvertegenwoordiger op de politiek verantwoordelijke uitvoerder, zoals een minister of staatssecretaris. Als een meerderheid van volksvertegenwoordigers het onderling eens is over een andere koers moet de minister dat overnemen als nieuwe opdracht. Af en toe zal een goede bestuurder ook beleid door moeten zetten zonder dat er een meerderheid voor is. Louter op grond van kennis van zaken vraagt zij dan het vertrouwen van de volksvertegenwoordiging om het oordeel uit te stellen. Als de wil van de volksvertegenwoordiging niet die van de expert volgt, dan houdt de uitvoerder de eer aan zichzelf en levert de opdracht in: “dit gaat niet werken, hier wil ik mijn naam niet aan verbinden, zoek maar een ander.” Er ontstaat een vacature die ingevuld kan worden zonder dat er nieuwe verkiezingen nodig zijn. Een extra garantie voor stabiliteit.

Instabiliteit hoeven we niet te vrezen. Als een kabinet nu demissionair is wordt altijd pijnlijk duidelijk dat de volksvertegenwoordigers alleen nodig zijn voor de echt politieke keuzes. Die blijven dan liggen tot na de verkiezingen. Daarnaast ligt veel beleid nu al vast omdat dit in details is vastgelegd in regeerakkoorden, zoals Feitsma maandag op deze plek betoogde. Dat voedt politiek cynisme. Als er geen regeerakkoorden meer zijn kan een omslag in de publieke opinie sneller vertaald worden in beleid, zonder dat er nieuwe verkiezingen nodig zijn. De opdracht van de meerderheid van volksvertegenwoordigers verandert makkelijker als partijen elkaar niet in de greep houden om te regeren. Het wordt dynamischer, politieker, maar zonder instabiliteit.

Politieke partijen kunnen dan doen waar ze heel geschikt voor zijn: het leveren van een coherent ‘wereldbeeld’. De ideeën over wat goed zou zijn voor ons allemaal horen daar vandaan te komen. Als partijen niet al bestaan, dan zouden ze vanzelf snel ontstaan, want in een populatie staat altijd wel minstens een procent op die elkaar hiervoor opzoekt. De rest kan zich dan proberen te herkennen in het resultaat, dit kan het gewenste nieuwe politieke landschap opleveren uit de tweede oplossing van Niemantsverdriet. Daarom is een representatieve democratie ook realistischer dan de ook door hem gesuggereerde directe democratie waarbij grootschalige actieve betrokkenheid wordt verondersteld. De loting die David van Reybrouck voorstelt is daar misschien een alternatief hiervoor, maar hij maakt geen onderscheid tussen bestuurders en volksvertegenwoordigers. Of je een Kamer vult met burgers door verkiezingen of door loting maakt uiteindelijk niet zoveel uit, het is het dualisme tussen bestuurders en vertegenwoordigers dat nu nodig is en doorgevoerd worden in het openbaar bestuur. Burgers moeten hier veel kabaal over maken om dit ook als opdracht aan de formateur terug te zien na de volgende verkiezingen. Partijen zullen dit vanzelfsprekend niet zelf voorstellen.

Reinder Rustema
is oprichter en beheerder van Petities.nl